De mooiste parken van het westen.
HOME
AMERIKA
VERENIGDE STATEN
USA THE ROCKIES
Tijdens de rondreis door de Rocky Mountains zien we besneeuwde bergtoppen, bossen en meren, uitgestrekte bloemenweides en mistige pijnboombossen die zo mooi zijn dat talloze kunstenaars en songwriters door dit deel van Amerika geïnspireerd zijn geraakt.
We vertrekken in Denver, gelegen op minder dan een uur rijden van het Rocky Mountain National Park om vervolgens via de Badlands naar Mount Rushmore en het Custer State Park in South Dakota te reizen.
Twee hoogtepunten van de reis door de Rocky Mountains zijn het Grand Teton National Park en het Yellowstone National Park. Yellowstone is bekend om de geisers zoals Old Faithful, felgekleurde warmwaterbronnen en grote kudde bizons. Gelegen ten zuiden is het Grand Teton NP minder druk waardoor het gemakkelijker is om beren, bizons en elanden te spotten.
In de zomer 2025 reisden we door deze betoverende streek van de Verenigde Staten.

1. Grand Prismatic Spring en Old Faithful in Yellowstone NP.
2. Rocky Mountains National Park.
3. Eco Tour in het Grand Teton National Park.
4. Yellowstone Canyon.
5. Custer State Park.
6. Mount Rushmore National Monument.
7. Yellowstone mammoth Springs.
8. Badlands National Park.
9. Jenny Lake in Grand Teton NP.
10. Devils Tower National Monument.
11. Needles Highway in de Black Hills.
12. Scotts Bluff National Monument.
13. Spearfish Canyon.
14. Wild Weststadje Deadwood.
15. Denver, hoofdstad van de staat Colorado.
This is your captain speaking, galmt er door de luidsprekers van de Airbus A380-800. We moeten een tussenlanding maken in Minneapolis omdat een passagier dringende medische hulp nodig heeft. Hulpdiensten staan al klaar als de kapitein het gigantische vliegtuig op de tarmac neerzet. De passagier krijgt de eerste hulp toegediend en wij zetten onze trip verder naar Denver. Ruim negen uur voordien stegen we op vanuit de luchthaven van München, na een korte vlucht vanuit Brussel en enkele uren wachten in de Beierse hoofdstad. We zijn behoorlijk moe als we onze wagen oppikken en in The Art, a hotel inchecken. We zijn dan ook meer dan 24 uur onderweg.
De zon priemt door de gordijnen van onze hotelkamer. De zon is al een tijdje op en kleurt de omgeving goudgeel. Na een stevig ontbijt wandelen we naar het Colorado State Capitol, zeer opvallend met zijn gouden koepel. Het gebouw werd in november 1894 ingehuldigd en huisvest de Algemene Vergadering van Colorado. In het gebouw is een museum gevestigd. Het roze gebouw met brandglas vertelt de geschiedenis van Colorado. We nemen een kijkje in de kantoren van de gouverneur, bezoeken het Hooggerechtshof en de kamers van het House en Senate. Dan wandelen we door het Civic Center Park, richting Lower Downtown, of gewoonweg LoDo, de oorspronkelijke nederzetting van Denver. Deze bruisende buurt herbergt bijna 100 restaurants, clubs, galerieën, winkels en horecabedrijven, waardoor het de perfecte plek is om te verkennen voor zowel inwoners als toeristen. De rijke geschiedenis van LoDo gaat terug tot 1858, toen er goud werd ontdekt bij de samenvloeiing van de South Platte River en Cherry Creek. Sindsdien heeft het district een grote opleving ondergaan en is het een belangrijke schakel geworden tussen het verleden en het heden van Denver.
We ontdekten Larimer Square, dé ontmoetingsplaats van Denver. Het is er rustig, kalmte voor de storm. 's Avonds is het er altijd druk en gezellig, zelfs op een doordeweekse avond.
Het is zeer warm (boven de 30 graden) en zoeken de schaduw op als we via 16th Street (de winkelstraat van Denver) terug naar het hotel wandelen. Opvallend zijn de vele daklozen. In elke straat waar we wandelen, op elk plein dat we oversteken zien we deze haveloze mensen, liggend op de grond, bedekt met kartonnen dozen. Soms worden ze weggestuurd door de politie omwille van overlast op de parking van een winkel of een restaurant. De meeste onder hen kunnen hun bezittingen kwijt in twee plastieken zakken of een winkelkarretje.
Na de lunch steken we Broadway (van Denver) over en bezoeken het History Colorado Museum, waar artefacten, verhalen en kunst het verhaal van Colorado en het Amerikaanse westen vertellen. Het interactieve museum weet over vier verdiepingen de geest van de Centennial State weer te geven. De tijdelijke tentoonstelling Last Decade before the Future flitst ons terug naar de nineties.
We verlaten Denver en trekken naar de Red Rocks, zo'n twintig minuten rijden ten zuidwesten van de hoofdstad van Colorado. De felrode rotsen contrasteren fel met de diepblauwe hemel en hagelwitte wolken. In deze rotsen is een amfitheater gebouwd, aar openluchtconcerten gegeven worden. De natuurlijke rotsformatie rondom het amfitheater is miljoenen jaren geleden ontstaan. De rotsen zijn door aardbewegingen opgetild en gekanteld. De karakteristieke roodachtige kleuren van de rotsformaties zijn het resultaat van geoxideerde mineralen.
Dan reizen we verder naar Estes Park via Highway 72 en Highway 7. Het is een schilderachtige route door de uitlopers van de Rocky Mountains. Het fraaie landschap glijdt aan ons voorbij. Lunchen doen we in … Nederland. Het is een levendig uit de kluiten gewassen dorp op onze route naar het noorden.
Even voor we onze eindbestemming bereiken houden we halt bij de Saint Catherine’s Chapel on the Rock, een wat bizarre kapel opgetrokken in granietsteen.
We checken in het Trailborn Rocky Mountains Hotel in en trekken vervolgens naar Bear Lake. Er wordt aangegeven dat de parking volzet is. We moeten een shuttle naar de start van de wandeling maken. We wagen het er echter op het rijden de park & ride voorbij en bereiken een haast lege parking. We prijzen ons gelukkig dat we niet moeten wachten op de bussen. De wandeling is wondermooi. De zonnestralen priemen door de wolken en kleuren deze geelrood. Het meer ligt er rustig bij. Voor een "Berenmeer" zien we wel geen beren.
De volgende ochtend trekken we opnieuw naar het Rocky Mountains national Park. We rijden van Estes Park over de 77 kilometer lange Trail Ridge Road, de hoofdweg van park, naar Grande Lake. De Colorado-rivier, die grote delen van het Amerikaanse landschap (waaronder de Grand Canyon!) bepaald heeft, heeft doorklieft valleien. De route klimt van 2.500 naar meer dan 3.500 meter op het hoogste punt. We zien de Longs Peak stralen in de zon. De vlakke top torent boven alle andere bergen uit en is vanuit bijna het gehele park te zien. We stappen uit en voelen de ijle lucht. Een korte wandeling is hier dan ook pittig. De route kronkelt door een verscheidenheid aan habitats, van bergweiden en bossen tot ver boven de boomgrens in de alpiene toendra. Eén van de mooiste uitzichtpunten is Many Parks Curve. We zien zowel de U-vormige Horseshoe Vallei als de bergen en de meertjes. Op weg naar Grande Lake zien we een eland en haar kalf grazen. Ook wat verderop, aan een historische site zien we een eland en haar kalf. We zijn kinderlijk enthousiast bij het zien van dit mooie tafereel. We eindigen de trio door het Rocky Mountain National Park, dat een goede indruk geeft hoe de gelijknamige bergketen zich 4.800 kilometer uitstrekt van Alaska tot Nieuw-Mexico.
De volgende ochtend slapen we wat langer en slenteren we door het gezellige Estes Park, een plaatsje dat wordt omringd door de bergtoppen van de machtige Rockies. Het sfeervolle en levendig centrum is volgestouwd met leuke winkeltjes, bars en restaurants voor de vele reizigers waarvoor het stadje als uitvalsbasis dient voor een trektocht in het nationale park.
We rijden ruim twee uur door het noorden van Colorado en steken via een ommetje door Wyoming de staatsgrens met Nebraska over. In de buurt van Gering doemen de eerste bluffs of kliffen op. We houden halt bij Eagle Rock in het Scotts Bluff National Monument. De plaats was voor de immigranten die naar het westen trokken, een duidelijk herkenbare plek op de Oregon Trail en de Mormon Trail. Fort Laramie, een andere halte op de tocht, ligt ongeveer 80 kilometer ten noordwesten van Scotts Bluff. Het monument is genoemd naar Hiram Scott, een bonthandelaar die in 1828 vlak bij deze plek stierf.
We trekken naar de top van het klif en hebben een fantastisch zicht op de stad en de wijde omgeving. In het Visitor Center leren we meer over de Mormon Trail en de geschiedenis van de immigranten. Die volgden ofwel de zuidelijke Oregon Trail of noordelijke Mormon Trail. Duizenden huifkarren lieten nog zichtbare wagensporen achter in het landschap. Vanaf 1850 trokken hier ongeveer 250.000 mensen voorbij. De aanleg van de Transcontinental Railroad in 1869 gaf sneller en gemakkelijker toegang gaf tot het Wilde Westen.
De volgende dag zetten koers naar het noorden. We rijden Scottsbluff uit, op zoek naar een benzinestation, als zwaailichten achter ons oplichten. Een zeer vriendelijke agent laat ons weten dat we tien miles per uur te snel reden. Hij heeft begrip voor de situatie. We komen ervan af met een waarschuwing.
We rijden verder door het vlakke Nebraska, langs kilometerslange maïs- en zonnebloemvelden. In South-Dakota wordt het landschap meer golvend. We zien een enorme kudde runderen. We passeren het Wounded Knee Massacre Monument, waar de ongeveer 150 à 300 Lakota-indianen die door troepen van het Amerikaanse leger werden afgeslacht, herdacht worden. We besluiten niet te stoppen want er staan verschillende locals, die (op basis van de reviews) enkel op geld uit zijn.
In de vroege namiddag arriveren we in Cedar Pass Lodge waar we overnachten. Eerst verkennen we de oostelijk kant van de Badlands. We houden halt bij de Big Badlands Overlook dat een uitzicht biedt op het oostelijke deel van de Badlands Wall. We zien het Eagle Nest Butte aan de horizon oprijzen. Badlandsformaties eroderen met een snelheid van drie centimeter per jaar, wat betekent dat ze nog maar 500.000 jaar over hebben! Op de heenweg stopten we aan het Cliff Shelf wandelpad. We wandelen langs de eroderende kolommen. Een kleine vijver trekt wilde dieren aan. We zien een hert dat gretig eet van de jonge twijgen van een boom.
De volgende dag rijden we door het westelijke deel van het Badlands National Park. De rit is de moeite waard. De bizar gevormde rotsen in een glooiend prairielandschap zijn zo fotogeniek, zeker met de verschillende gekleurde lagen in de rotsen. In de omgeving van het Yellow Mounds Overlook veranderen de rosten van kleur. Hier zien we alle kleuren, van geel, tot groen, oranje, rood en alle tinten bruin. Het herinnert ons aan onze eerste grote reis, in 1997 naar de Westkust van de Verenigde Staten, waar we in Death Valley soortgelijke landschappen zagen.
In dit gebied leven bizons, coyotes, dikhoornschapen en pronghorns, maar we hebben de dieren (nog) niet kunnen spotten. We volgen de Badlands Loop Road in het National Park, een 33 mijl lange route. We houden halt bij de Toodstoal Rock, de White River Valley Overlook, de Bigfoot Pass Overlook en vele meer panoramische vergezichten met grillige en gekleurde rotsformaties. De Fossil Exhition Trail geeft uitleg over de uitgestorven dieren die ooit in het gebied leefden.
Bij het verlaten van het nationale park trekt een eenzame bizon alle aandacht. Het dier graast rustig langs de kant van de weg terwijl de kudde zwarte stippen aan de horizon zijn.
In de namiddag arriveren we in de Summer Creek Inn, waar we drie nachten verblijven. We checken in en genieten van de B&B, neergepoot temidden van de prachtige Black Hills. Tegen valavond trekken we naar Rapid City, gekend als de poort naar de Black Hills. We dineren er bij Sabatino's en genieten van lekkere Italiaanse specialiteiten.
Hi, how are you doing? We worden verwelkomd aan de ingang van het Custer State Park, gelegen in de Black Hills van South Dakota. De vriendelijke dame helpt ons snel op pad. We houden halt bij het Visitor Center. De ranger vertelt dat er de dag voordien twee kuddes bizons gespot zijn. Eén kudde verplaatst zich richting Mount Rushmore, een tweede kudde is gezien op de heuvels net voorbij de oostelijke ingang van het park. We rijden naar de Iron Mountain Road. Wijdse vlaktes wisselen zich af met bossen. De omgeving is prachtig, maar bizons (of buffalo zoals de dieren in de US ook genoemd worden, naast de Indiaanse naam tatanka) zien we niet. We keren, wat ontgoocheld, op onze stappen terug.
Enkele mijlen op de Wildlife loop Road zien we zwarte stippen aan de horizon. Enkele wagens zijn gestopt, waarop ook wij halt houden. Een kudde bizons loopt onze kant uit. Tientallen dieren grazen en wandelen verder in onze richting. Buffalo are dangerous werden we al enkele malen gewaarschuwd. Toch stappen we uit de wagen om dit machtige tafereel te aanschouwen. Stieren met een dikke pels rond de nek, vrouwelijke bizons en kalfjes lopen zij aan zij. Het fototoestel zoomt in en klikt. Ondertussen steken de eerste bizons de straat over. Martine staat oog in poog met een gevaarlijk uitziende stier. Het dier stapt echter vredig voorbij onze wagen. Tientallen andere dieren volgen.
We rijden verder maar moeten stoppen omdat overal bizons opduiken. Weer flitst het fototoestel. We kijken naar de machtige dieren, die zich niets van de omstaanders aantrekken. Een deel van de kudde zet het op een lopen zetten. De aarde dreunt onder hun hoefgetrappel. We blijven kijken tot ze aan de einder verdwenen zijn.
We zetten onze weg verder op de prachtige scenic route die ons door een heuvelachtig landschap leidt, met onderweg uitzicht op open grasland. Custer State Park vormt een van de grootste State Parks in Amerika. Naast de bizons is het park ook de habitat van tal van andere dieren.
We klimmen naar de top van Mount Coolidge, gelegen op 1800 meter hoogte. We genieten van het prachtig uitzicht op het park. In het noordwesten zien we een grillige bergformatie. Het is schitterend.
We zetten onze tocht verder op de Needles Highway. Het is een spectaculaire rit door dennen- en sparrenbossen, weilanden omgeven door berken en espen, en ruige granieten bergen. Rotsformaties en hoge dennenbomen stelen hier de show. De natuur is bijzonder mooi. Geleidelijk gaat de natuur over in ruwe, granieten rotsen. De weg dankt zijn naam aan de naaldachtige granietformaties die de horizon langs de snelweg lijken te doorboren. Het is de grillige rotsformatie die we ook al vanop Mount Coolidge konden zien. De weg kronkelt zich door het landschap. Op twee plaatsen zijn er tunnels waar we nauwelijks door kunnen (Iron Creek Tunnel en Needles Eye Tunnel). Voor we het park verlaten houden we halt bij Sylvan Lake, waar kajakkers plezier hebben.
Op de terugweg worden we vergast op een hevig onweer. Dikke regendruppels spatten op de voorruit van onze wagen open terwijl bliksemschichten de hemel oplichten.
Voor we Mount Rushmore bezoeken, ontdekken we de hoofden van oud-presidenten George Washington, Thomas Jefferson, Theodore Roosevelt en Abraham Lincoln vanuit de lucht. Een korte helikoptervlucht voert ons over de Black Hills naar Mount Rushmore. We cirkelen rond de bekende presidentskoppen die hier vanaf 1941 de show stelen en het toerisme in South-Dakota een boost hebben gegeven. Na Iron Mountain gaat de vlucht verder via Grizzly Bear Creek naar de Black Elk Wilderness, net ten oosten van de Cathedral Spires en onder Black Elk Peak. We zien de grillige bergketen en de Needles Highway die we de dag voordien in de auto mochten ontdekken vanuit de lucht. We zijn kinderlijk enthousiast. Vervolgens dalen we af via het Pine Creek-bekken naar Horse Thief Lake en over Samelius Peak en terug naar de helihaven van Black Hills Helicopter Tours.
Dan bezoeken we het monument zelf. We zijn onder de indruk van de metershoge hoofden, uitgehouwen in de bergflank. In het Visitor Center leren we over de aanleg van het reusachtig beeldhouwwerk, dat op 14 jaar werd opgericht.
Het hoofd van president Jefferson was uiterst links voorzien, maar tijdens de werken besliste Gutzon Borglum, beeldhouwer en aannemer van de werken, het hoofd te verwijderen omdat de granieten bergflank onvoldoende sterk was. Maandenlang werk werd opgeblazen en het hoofd van Jefferson werd rechts van Washington uitgehouwen.
Het monument vertelt het verhaal van de geboorte (Washington), groei (Jefferson), ontwikkeling (Roosevelt) en het behoud (Lincoln) van de Verenigde Staten. Mount Rushmore brings visitors face to face with the rich heritage we all share.
De beleving rond Mount Rushmore wordt behoorlijk patriottisch benaderd. `s Avonds worden de beelden verlicht en wordt de ceremonie afgesloten met het Amerikaanse volkslied en worden veteranen van de oorlogen geëerd.
Als tegenhanger van Mount Rushmore bouwen de Native Americans sinds 1948 aan het veel minder bekende Crazy Horse. Het resultaat zou heel indrukwekkend zijn, maar geraakt niet klaar.

![]()

Vanuit Mount Rushmore rijden we (terug) naar het Custer State Park. De Iron Mountain Road slingert door de Black Hills en is bekend om de pigtail-bruggen, die als een varkensstaart rondkrullen om de hoogte te overbruggen. We rijden door een aantal smalle tunnels (Doane Robinson Tunnel, Scovel Johnson Tunnel, CC Gideon Tunnel), nauwelijks een wagen breed. Bij twee van de tunnels zie je op het einde van de doortocht Mount Rushmore met de vier presidentshoofden.
Schitterend uitzicht!
De dag voordien zagen we op de Wildlife Loop Road een kudde bizons. Op het geluk af rijden we dezelfde richting uit. Tweemaal geluk hebben zou onwaarschijnlijk zijn, maar we wagen het erop. En we worden beloond. In de verte zien we een kudde bizons grazen, nog geen mijl verder zien we een tweede kudde, ook behoorlijk ver van de weg. Tenslotte staat een een derde kudde langs de weg te grazen en zich te laven aan een waterplaats.
Soms overtreft de werkelijkheid de fantasie.
Welcome to Deadwood Historic Main Street prijst de hoofdstraat van Deadwood zichzelf aan. Deadwood in de Black Hills bestond al in de tijd van de kolonisten. Goudzoekers vestigden zich hier. Het profileert zich als een echt Wild West-stadje. Niets is minder waar. Aan de Main Street is niets authentiek. Gerenoveerde of zelfs nieuwe gebouwen moeten de sfeer van de 19e eeuw en het Wilde Westen oproepen, maar huisvesten winkeltjes met allerlei prullaria, restaurants en casino's. Gokautomaten bij de vleet. Het stadje verbergt zijn voorkeur en zelfs voorliefde voor de Republicans in het algemeen en president Trump in het bijzonder niet.
Iets ten noorden van het stadje ligt Spearfish Canyon, een diepe kloof en bijzonder mooie natuur. We houden regelmatig halt om van het uitzicht te genieten en om een korte wandeling te maken.
Dan zetten we onze weg verder naar Devils Tower National Monument. De Tower is een verbluffend geologisch kenmerk dat oprijst uit de prairie rondom de Black Hills. Het wordt als een heiligdom beschouwd door de Northern Plains Indianen. Honderden parallelle scheuren maken het een van de beste scheurklimgebieden in Noord-Amerika.
Na het bezoek aan het Devils Tower National Monument rijden dwars door de Bighorn Mountains, ook wel het zusje van de Rocky Mountains genoemd. Het weidse landschap is gevarieerd. We zien tijdens onze rit bossen, grasvlakten, schilderachtige bergen, valleien en kristalheldere meren.
Reisroute Grand Teton National Park![]()
![]()
Na een rit van zo'n 6 uur bereiken we het Grand Teton National Park. We hebben ogen te kort. Rechts van de weg doemen de majestueuze, besneeuwde toppen van Gravel Mountain op, links van de weg graast een kudde bizons. Dan rijden we via Jackson Hole verder naar het Four Seasonshotel in Teton Village.
Meren, gletsjers, bossen, vergezichten over een vallei met een rivier en bergen met scherpe pieken en besneeuwde toppen dat zijn de kenmerken van het Grand Teton National Park. Vandaag verkennen we dit nationale park terwijl we de Snake River volgen die door het Jackson Hole dal kronkelt. We rijden over de Moose-Wilson Road naar het park. We houden halt aan de Chapel of the Transfiguration, waar een misviering plaatsvindt. Het is immers zondag, de dag van de Heer. De kapel werd gebouwd zodat kolonisten niet naar Jackson hoefden te reizen voor kerkdiensten. Vanop de Teton Glacier Lookout zien we de gletsjer liggen, beschut op de noordoostelijke flanken van de hoogste pieken.
De parking van Jenny Lake staat overvol. Wagens staan naast de weg geparkeerd, waardoor we verder rijden. Even verderop nemen we de afslag naar de Jackson Point Overlook op Signal Mountain, die bijna 300 meter . boven de vallei uitstijgt. Het is inmiddels hevig aan het regenen. We wagen het erop om naar de top te rijden … waar de zon hevig straalt. Het is het hoogste punt in het park dat bezoekers kunnen bereiken. We zien de bergketens Teton, Gros Ventre, Absaroka en het Yellowstone Plateau. Ook zien we de Snake River-vallei.
Het meest gefotografeerde plekje van het hele park is Oxbow Bend. Vanaf dit uitkijkpunt hebben we een prachtig uitzicht over de Snake River en Mount Moran, iets verderop. Het water is zo glad als een spiegel. Enkel een kajakker maakt wat rimpels op het water.
We vervolgen onze weg over de Jackson Hole Highway. Het is allerminst een snelweg, maar een schitterende route dwars door het park!.
Wat verderop grazen bizons, die erg gevaarlijk kunnen zijn. Dan houden we halt bij Schwabacher Landing waar de Snake River de bergtoppen weerspiegelt.
Als laatste stop houden we halt bij Mormon Row, voor een foto van de twee oude schuren uit 1880 met op de achtergrond de besneeuwde bergtoppen van de Tetonketen. De twee schuren vormen in het namiddaglicht een prachtig plaatje. In totaal staan er nog zes oude schuren van Mormoonse nederzettingen die er in dit gebied waren. Ze stammen uit 1908 tot 1950.
We staan vroeg op om van de ochtendgloren op het Jenny Lake te genieten (en de grote massa voor te zijn). De zon kijkt net boven de horizon uit als we de parking van Jenny Lake oprijden en de parkeerplaats voor het uitzoeken hebben. Tien minuten later kleurt de zon de omgeving geel en warmt ze ons op.
We varen met de lake shuttle naar de overkant van het meer. De ferry laat het water over het spiegelgladde meer golven. De Lake Loop Trailhead slingert langs de oevers van het meer. Eerst klimmen we om de Cascade Creek te overbruggen. Het bergwater gutst langs de gevallen boomstronken en keien naar beneden. Het is (nog) rustig op dit vroege uur. De wandeling is aangenaam en kruist verschillende keren het meer. Het uitzicht is prachtig.
Na de wandeling huren we een kajak. Het is muisstil op het glasheldere meer en horen enkel het plonsen van de peddels in het water. Het boottochtje op het meer is rustgevend. Langs de noordelijke kant van het park zien we de Cathedral Group. De naam verwijst naar de drie pieken: Teewinot Mountain, de Grand Teton en Mount Owen. Deze bergspitsen torenen boven de Cascade Canyon uit en werpen lange schaduwen op de vallei. Verderop rijst Mount Moran, vernoemd naar de beroemde landschapsschilder Thomas Moran, boven de vallei uit. Deze dominante piek van de noordelijke Teton Range weerspiegelt ook alle geologische krachten die de Teton Range hebben gevormd. Vervolgens keren we terug naar het hotel en ontdekken het gezellige Teton Village.
We trekken onder begeleiding van Ricky, de gids van Eco Tour Adventure, door het Grand Teton National Park. We willen beren en elanden zien, stellen we meteen al een uitdagende doelstelling. Dat moet kunnen, antwoordt hij veelbelovend. Vanuit het comfort van een 4x4 jeep spieden we in de dichte begroeiing naar beren, terwijl Ricky zijn oor te luister legt. Er zijn hier veel bessenstruiken wat beren aantrekt. De beren van Grand Teton zijn hoofdzakelijk vegetariërs, in tegen-stelling tot de soortgenoten in Alaska die veel meer vis en vlees eten.
Aan een poel verwacht hij elanden of herten. Een eland (moose in het Engels) laaft zich aan het water tot het dier verder de struiken intrekt. We wandelen verder en stoten op een tweede eland. Voorzichtig trekken we ons terug. De dieren kunnen gevaarlijk zijn, zeker als ze een kalf hebben. Even verderop zien we nog een eland. Het is de moeder van het kalf dat we gezien hebben. Ze spiedt de omgeving af en is attent. Onze gids deelt zijn wildlife-ervaring terwijl we onze camera inzoomen op de kolossale dieren. We zetten onze wandeling verder en horen het gegrom van een beer. Zien doen we hem niet. Even gunt hij ons een blik op zijn donkere vacht, maar dan verdwijnt hij in het struikgewas. Op de terugweg zien we de bessenstruiken weer bewegen. Een tweede beer laat de struiken ritselen. Met de verrekijker kunnen we hem zien. De doelstellingen zijn gerealiseerd. We hebben beren en elanden gezien.
Verder kijken we naar de bergen en de laaglanden. Ricky praat met passie over de lokale ecologie, diergedrag, geologie en culturele geschiedenis van de streek.
We verlaten de jeep voor nog een korte wandeling. Een kudde pronghorn antelope (of gaffelbokken) staat te grazen. De bok hoedt zijn kudde en spiedt de omgeving af. Al laat hun naam het vermoeden, het zijn geen antilopes. Het is een afzonderlijk familie (antilocapridae) en het nauwst verwant aan de giraf.
Tegen de middag staan we terug aan het hotel waar we onze wagen oppikken en via Rockefeller Memorial Parkway naar het noorden rijden, naar de ingang van dat andere tot de verbeelding sprekende nationale park, Yellowstone.
Reisroute Yellowstone National Park![]()
![]()
Yellowstone is uniek in de wereld. Wat een geologisch wonder! Er zijn warmwaterbronnen met gele, oranje en blauwe kleuren, geisers die het water hoog de lucht inspuiten, bronnen die borrelen met water van 100 graden en modderbader die pruttelen.
De zwaveldamp waait ons tegemoet als we halt houden bij de West Thumb Geysir Basin, het grootste geiserbekken aan de oevers van Yellowstone Lake. Het meer is gevormd door een krater en ligt op een hoogte van 2.357 meter. Er zijn hier geen geisers actief. Ook het water is rustig, al borrelt het hier en daar op. We wandelen over het pad langs de geisers en warmwaterpoelen en zetten onze weg verder naar het Lake Yellowstone Hotel.
De volgende dag zijn we al vroeg op pad. We willen de massa kijklustigen voor dé attractie van het Yellowstone National Park voor zijn. We houden halt bij Old Faithful, een geiser die met de regelmaat van de klok water hoog de lucht inspuit. Elk anderhalf uur barst de geiser uit.

![]()

We hebben nog wat tijd tot de volgende uitbarsting en wandelen naar de Plume-geiser die veel vaker borrelt en water omhoog spuit. Overal gebeurt er wel wat. De heldere kleuren van de Heart Spring-bron lijken bijna onecht, de Doublet Pool is saffierblauw. Maar nog fotogenieker zijn de warmwaterbronnen met de naam Beauty Pool. We keren terug en wandelen tot de viewing area terwijl we langs poeltjes passeren, gevuld met kokende en pruttelende modder. Enorme rookwolken stijgen op uit stoomgaten. We hebben een voortreffelijk uitzicht op het de bekende geiser terwijl kijklustigen aanschuiven. Old Faithful laat op zich wachten, maar dan spuit de geiser, eerst aarzelend, dan krachtig een waterpluim meters hoog de lucht in. Het is een fascinerend schouwspel.
De Old Faithful-geiser mag dan wel de meeste bezoekers naar het park trekken, er is geen enkele andere bezienswaardigheid in Yellowstone die zo fotogeniek is als de Grand Prismatic Spring. In vrijwel alle promotiemateriaal voor het nationale park is deze warmwaterbron dé eye catcher. Dat heeft het vooral te danken aan zijn felle oranje, gele en blauwe kleuren. We beklimmen de heuvel aan de Fairy Falls Trail en zien de warmwaterbron aan onze voeten liggen. We worden stil van al dat moois. Ook van dichtbij overtreft de waterbron onze verwachtingen.
Even verderop willen we rechts afslaan naar de Firehole Lake Drive, maar de weg is geblokkeerd omwille van gevaarlijk geothermische activiteit. We keren op onze stappen terug. Na een korte stop aan de Gibbon Falls doet het Black Sand Basin onze ontgoocheling over de Firehole Lake Drive snel vergeten. De kleurrijke Emerald Pool en pruttelende warmwaterbronnen zijn mooie alternatieven.
In het noordwesten van de Lower Loop van Yellowstone National Park ontdekken we de Norris Geyser Basin, het heetste, oudste en meest dynamische thermische gebied van Yellowstone. De hoogste temperatuur ooit werd in dit geothermisch gebied gemeten. We wandelen op het pad langs de warmwaterbronnen naar de Porcelain Basin, dat met de felle kleuren net uit een sprookje komt.
Dan vervolledigen we de Lower Loop. In Hayden Valley zien we nog enkele bizons terwijl de Yellowstone River de vallei in tweeën klieft.
Er leven meer dan 200 soorten zoogdieren in Yellowstone National Park, plus meer dan 300 soorten vogels en dan ook nog eens vissen, reptielen en amfibieën. We verlaten het Lake Yellowstone Hotel, draaien de hoofdweg op en staan oog in oog met een eland. Het dier met een kolossaal gewei graast rustig naast de rand van de weg. We rijden door Hayden Valley en zien enkele bizons.
Dan verlaten we de hoofdweg en rijden via de South Rim Drive naar Artist Point, waar we een mooi zicht hebben op de Grand Canyon van Yellowstone. Op de terugweg houden we halt bij de indrukwekkende Upper Falls.
Ook langs de North Rim zijn er tal van mooie vergezichten. We houden halt en wandelen naar de Brink of Lower Falls, waar een brede waterval zich naar beneden stort. We wandelen langs het North Rim Trail en zien rode rotsen, watervallen, grillige rotseb en bewonderen natuurlijk de pracht van de canyon. We rijden naar het noorden en houden halt bij de Tower Falls, die zich diep naar beneden storten.
Vervolgens rijden we naar het oosten, naar de Lamar Valley, een afgelegen en weinig bezocht deel van Yellowstone. Omdat dit het rustigste en meest uitgestrekte deel van het park is, botsen we meteen op een kudde bizons. De uitgestrekte grasvelden nodigen uit om te grazen. Andere kuddes laven zich aan het water van de Lamar River. Het is steeds prachtig om dieren in het wild te zien. In de late namiddag haasten ons naar Gardiner, een klein stadje net buiten het park waar we overnachten.

![]()

We rijden terug naar het Yellowstone NP en willen de Boiling River bekijken. Door de overstromingen van 2022 is de weg naar de rivier geblokkeerd. Er is ook een nieuwe weg tussen Mammoth en Gardiner aangelegd.
De Mammoth Hot Springs zijn een must-see in Yellowstone National Park. Ze zijn anders dan de andere thermale gebieden. Doordat de kalksteen een relatief zacht gesteente is, groeien de travertijnbalkons veel sneller dan andere formaties. Het ziet eruit als een grot die binnenstebuiten is gekeerd. We bezoeken de Mammoth Hot Springs dat twee terrasformaties heeft (de upper en de lower). Er liggen ongeveer 50 warmwaterbronnen in het gebied. De terrassen kleuren spierwit over oranje naar bruin. De weerkaatsing van de zon doet het water van de warmwaterbronnen schitteren.
We rijden naar de Sheepeater Cliff, een dikke tien kilometer ten zuiden van we hot springs. De klif is bijna 500.000 jaar geleden gevormd toen basaltlava afkoelde en kromp tot rotspilaren, de zogenaamde columnar joints. De in de gidsen als natuurlijk wonder aangekondigde kliffen stellen niet zo veel voor. Wat teleurgesteld keren we terug naar Mammoth. De terugweg maakt echter alles goed. Een jonge grizzlybeer smult gulzig van bessen langs de kant van de weg. Tevreden zetten we onze weg verder.
Na de lunch in Gardiner rijden we naar Bozeman waar we onze huurwagen inleveren en overnachten. Onze vakantie zit erop. Na het ontbijt rijden we naar de luchthaven van Bozeman, waar we een binnenlandse vlucht naar Denver nemen. In de namiddag boarden we voor de nachtvlucht naar Europa, om via München terug naar Brussel en huis te keren.
Tot ziens, Rocky Mountains.
Goodbye, America!